Ik mag mezelf inmiddels wel ervaringsdeskundige noemen, maar het ophalen van een nieuwe motor went gelukkig nooit. Dan ben ik zo blij als een kind, maar het is ook spannend of hij net zo goed bevalt als tijdens die éne proefrit. En deze keer was dat extra spannend, omdat het een elektrische motor betrof.

Om er zeker van te zijn dat ik ook weer thuis kom rij ik tijdens mijn allereerste rit als een oude opa in de eco-modus. Op het Beursplein staat de portier mij al op te wachten. Hij rijdt zelf ook motor, dus hij is erg benieuwd naar mijn aanwinst. Ik parkeer mijn motor naast die van hem. Pardoes valt mijn motor om precies op de motor van de portier. Een gênantere aankomst op mijn werk kan ik me niet voorstellen. Nadat mijn splinternieuwe motor de volgende dag bij het parkeren weer omvalt ga ik de oorzaak maar eens buiten mezelf zoeken. Een kritische blik op de uitgeklapte zijstandaard leert dat die slechts een hoek van 91 graden maakt. Zodra de ondergrond iets afloopt, klapt de zijstandaard bij het parkeren weer in en kukelt de motor om. Vanaf dat moment parkeer ik hem met zijn neus omhoog, wanneer de ondergrond niet waterpas staat.

De eerste krasjes zitten er dus helaas al op, maar verder is het rijden op mijn nieuwe motor één groot feest. Mijn angst over de actieradius bleek ongegrond, want zelfs in de sportmodus kan ik drie dagen zonder opladen naar mijn werk rijden. Met 147 nm koppel trekt hij in die sportmodus sneller op dan iedere 1000cc supersportmotor. De serene rust door de afwezigheid van trillingen vanuit het motorblok doet recht aan de vergelijking met een vliegend tapijt. En een glimlach kan ik niet onderdrukken iedere keer wanneer ik langs een benzinepomp rij.

Wel vormt mijn nieuwe motor een aanleiding om door Jan en alleman te worden aangesproken. Zo ben ik zelfs door de politie uit pure nieuwsgierigheid van de weg gehaald. De (sympathieke) agenten bleken ook motor te rijden en hadden nog nooit een elektrische motor gezien. Elektrisch profileren in plaats van etnisch profileren zullen we maar zeggen.

De reacties zijn daarbij erg voorspelbaar, omdat iedereen dezelfde twee vragen stelt. De vraag naar de actieradius is begrijpelijk. Ik antwoord inmiddels dat je makkelijk 700 kilometer haalt, zolang je maar heuvel af gaat. De andere standaardvraag heeft betrekking op het gebrek aan geluid. Eén motorvriend vroeg me of ik nu  “vroem, vroem” roep tijdens het rijden. Het geluid blijkt een gevoelig punt, dat zelfs tot verdeeldheid bij mijn motorvrienden te zaaien. Alsof ik me gekleed in een Feyenoord-shirt onder een groep Ajaxfans begeef. Daar kan ik met mijn verstand echt niet bij, want ik hou nog evenveel van benzinemotoren als daarvoor. Dat er inmiddels een elektrisch alternatief is, waardoor je als motorrijder nog meer te kiezen hebt, lijkt mij winst voor alle motorliefhebbers.

 

- Jacob Schoenmaker -

Facebook Twitter Youtube